Kort antwoord: tot en met 31 december 2026 verandert er niets: u saldeert nog gewoon. Vanaf 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling in één keer, ook als u een lopend vast energiecontract heeft. Vanaf dan betaalt u voor alle stroom die u afneemt en krijgt u voor teruggeleverde stroom een vergoeding die tot 2030 minimaal 50 % van het kale leveringstarief moet zijn. Zonnepanelen kunnen nog steeds uit, maar de terugverdientijd wordt langer en hangt sterker af van hoeveel zonnestroom u zelf direct gebruikt. Kies uw installateur daarom op een vergelijkbare offerte, controleerbare bedrijfsgegevens en harde garanties, niet op een beloofde terugverdientijd.
Salderen betekent dat de stroom die uw panelen aan het net terugleveren, jaarlijks wordt weggestreept tegen de stroom die u afneemt. Over het weggestreepte deel betaalt u geen leveringskosten, geen energiebelasting en geen btw. Volgens de Rijksoverheid blijft dat zo tot en met 31 december 2026.
Vanaf 1 januari 2027 mag u opgewekte stroom niet meer verrekenen met uw verbruik. Afname en teruglevering worden dan apart afgerekend: u betaalt de volledige prijs (inclusief belastingen) voor alles wat u van het net haalt, en u ontvangt van uw energieleverancier een terugleververgoeding voor alles wat u teruglevert. Het eerdere plan om de regeling vanaf 2025 geleidelijk af te bouwen is losgelaten; het kabinet koos voor stoppen in één keer, zonder afbouwpad. De Tweede Kamer nam het wetsvoorstel aan op 14 november 2024, de Eerste Kamer op 17 december 2024 (bron: Zonneplan). De einddatum ligt daarmee wettelijk vast.
Een lopend vast contract beschermt u hier niet tegen: de salderingsplicht vervalt voor iedereen op dezelfde datum. Hoe uw leverancier daarna afrekent, hangt wel af van uw contract en de afsluitdatum; DELTA Energie laat bijvoorbeeld zien dat een vast contract van vóór 25 september 2025 tot de einddatum anders wordt verrekend dan een later contract. Vraag dit na bij uw eigen leverancier.
De wet stelt een bodem: tot 2030 moet de terugleververgoeding minimaal 50 % van het kale leveringstarief zijn, dus van het stroomtarief zonder belastingen. Leveranciers mogen daarnaast terugleverkosten rekenen, maar alleen voor de kosten die zij werkelijk maken om uw stroom te verwerken. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) houdt hier toezicht op (bron: Rijksoverheid, zie hierboven).
In de praktijk kiezen de meeste leveranciers vanaf 2027 voor dat wettelijke minimum, zo constateert Gaslicht.com; vaste staffels verdwijnen en de kosten worden per teruggeleverde kWh berekend. Tegelijk zijn de verschillen groot: volgens een inventarisatie van WVE (bijgewerkt 7 oktober 2026) zit tussen de hoogste en de laagste terugleververgoeding tot een factor tien, en kunnen staffels, terugleverkosten en afrekening op kwartierwaarden de effectieve vergoeding tot de helft lager maken dan het gepubliceerde tarief. Vergelijk een energiecontract vanaf 2027 dus ook op vergoeding én kosten voor teruglevering.
Ja, maar met een langere adem dan onder de salderingsregeling. De cijfers op een rij, met peildatum oktober 2026:
| Onderdeel | Indicatie | Bron |
|---|---|---|
| 10 panelen incl. omvormer en montage | € 3.300 – € 5.500 (0 % btw) | TrustusFix-prijscanon, zie de prijsgids zonnepanelen |
| Rekenvoorbeeld 10 panelen (435 Wp per paneel) | € 3.800 aanschaf, circa 3.800 kWh per jaar | Milieu Centraal |
| Besparing per jaar vanaf 2027 bij 30 % zelfverbruik | circa € 260 | Milieu Centraal |
| Terugverdientijd zonder saldering, afgeleid uit die twee getallen | circa 15 jaar, bij een levensduur van 25 jaar | Eigen berekening op de cijfers van Milieu Centraal |
| Btw op levering en installatie op of bij een woning | 0 % | Belastingdienst |
Bronnen: Milieu Centraal, Kosten en opbrengst zonnepanelen; Belastingdienst, Btw-tarief zonnepanelen (geraadpleegd 9 oktober 2026). Milieu Centraal geeft zelf geen exacte terugverdientijd en benadrukt dat die per situatie verschilt; de circa 15 jaar is een deling van aanschafprijs door jaarbesparing.
De belangrijkste knop die u zelf kunt bedienen is het eigen verbruik: elke kWh die u direct gebruikt hoeft u niet in te kopen, en dat is volgens Milieu Centraal al snel drie tot vier keer voordeliger dan terugleveren. Laat wasmachine, vaatwasser en droger overdag draaien, en kijk of een warmtepompboiler, warmtepomp of laadpaal op zonnestroom kan werken. Een oost-westligging spreidt de opbrengst over de dag; het dak helemaal volleggen om veel terug te leveren is volgens Milieu Centraal nu niet de slimste keuze.
Het btw-nultarief geldt voor levering én installatie op of bij een woning, inclusief garage, schuur en vakantiewoning; geïntegreerde panelen op een nieuwbouwwoning vallen onder 21 %. De installateur verwerkt het nultarief op de factuur, u hoeft niets terug te vragen. Een landelijke subsidie op zonnepanelen bestaat niet, en ook niet op een thuisbatterij: Milieu Centraal meldt dat u die met de huidige prijzen hoogstwaarschijnlijk niet terugverdient met de besparing op uw stroomrekening (bron).
Twee ontwikkelingen die de rekensom beïnvloeden. Ten eerste de energiebelasting: volgens de voorstellen van Prinsjesdag 2026 daalt de belasting op stroom in 2027 van 11,1 naar 10,7 cent per kWh en stijgt die op gas van 72,7 naar 74,6 cent per m³ (bron: Gaslicht.com; het parlement moet de tarieven nog vaststellen). Goedkopere stroom drukt de besparing per zelf verbruikte kWh iets, maar maakt verwarmen en rijden op eigen zonnestroom juist aantrekkelijker dan gas.
Ten tweede de netbeheerkosten: op basis van een eerste berekening van de ACM stijgen die in 2027 met bijna 20 %, gemiddeld € 89 per jaar extra voor stroom en € 52 voor gas, samen € 141 (bron: Gaslicht.com, geactualiseerd 22 september 2026). Die kosten betaalt u ongeacht uw panelen.
Zonnepanelen worden vaak verkocht op een rooskleurige terugverdientijd. Beoordeel een aanbieder daarom op wat u kunt controleren:
Een overzicht van installateurs met publieke reviews vindt u bij zonnepanelen installeren: bedrijven.
Alle bronnen geraadpleegd op 9 oktober 2026. Prijzen zijn indicatief (peildatum oktober 2026); de energiebelastingtarieven 2027 zijn voorstellen tot de Eerste Kamer het Belastingplan heeft aangenomen.
Ja. Tot en met 31 december 2026 geldt de salderingsregeling ongewijzigd, ook voor installaties die dit najaar worden aangesloten. Vanaf 1 januari 2027 stopt het salderen in één keer voor iedereen; er is geen overgangsregeling en geen afbouwpad.
Ja. De wettelijke plicht om te salderen vervalt op 1 januari 2027 voor alle kleinverbruikers, ongeacht het contract. Hoe uw leverancier daarna afrekent, hangt wel af van uw contract en de afsluitdatum; sommige leveranciers verrekenen teruglevering tot de einddatum nog tegen de contractprijs zonder belastingen. Vraag dit na bij uw leverancier.
Tot 2030 moet de terugleververgoeding minimaal 50 % van het kale leveringstarief zijn, dus van het stroomtarief zonder belastingen. De meeste leveranciers kiezen dat minimum, en daar gaan vaak terugleverkosten per kWh vanaf. De verschillen tussen leveranciers lopen op tot een factor tien, dus vergelijk een energiecontract vanaf 2027 ook op vergoeding en kosten voor teruglevering.
Een systeem van circa 10 panelen inclusief omvormer en montage kost indicatief € 3.300 tot € 5.500 met 0 % btw; Milieu Centraal rekent met € 3.800. Bij een besparing van circa € 260 per jaar vanaf 2027 (30 % zelfverbruik) komt de terugverdientijd op ongeveer 15 jaar, bij een levensduur van 25 jaar. Gebruikt u meer zonnestroom zelf, dan wordt die tijd korter.
Vraag drie offertes met dezelfde specificatie (Wp, omvormer, montage, garanties, 0 % btw), controleer de KvK-inschrijving en het aantal en de score van de reviews, vraag vooraf om een opleverrapport en een verklaring dat de installatie aan NEN 1010 voldoet, doe geen aanbetaling zonder planning en getekende overeenkomst, en onthoud dat u bij verkoop aan de deur veertien dagen bedenktijd heeft.